08-09-12

Vrijlating Michelle Martin: 'Believers' en 'Non-believers'

Martin.klooster2.jpg

Met de vrijlating van Michelle Martin, is de strijd tussen de zogenaamde 'believers' en 'non-believers' in de zaak Dutroux, weer opgelaaid.
Paul Marchal, vader van één van de vermoorde kinderen in de zaak Dutroux, vraagt zich af waarom het dossier Dutroux-bis zonder onderzoek werd afgesloten.
Kamerlid Laurent Michel vindt het vreemd dat hij, na zijn vragen rond het autopsierapport van de vermoorde meisjes Julie en Melissa, als het ware gelyncht werd door de Belgische politiek en media. 

Standaard-journalist Mark Eeckhaut, een non-believer en specialist in geloofszaken die destijds vreesde dat 'het land zou ten onder gaan aan waanzinnige verhalen', zal dus verplicht zijn om opnieuw een stuk over de zaak Dutroux te schrijven.

Eeckhaut werd in april 2011, in de categorie Schrijvende Pers, door MEDIA & CULTUUR Dexia onderscheiden voor zijn 'Danneels-tapes'. Uit die opnamen bleek dat kardinaal Danneels probeerde om - om het met zijn eigen woorden te zeggen - "de mantel der geheimhouding over de zaak-Vangheluwe te gooien"...

------

'Geloofsbelijdenis van een non-believer'

 

mark-eeckhaut-wint-dexia-persprijs.jpg

23 juni 2004 - De Standaard-journalist Mark Eeckhaut heeft acht jaar lang de zaak-Dutroux op de voet gevolgd, en heeft de voorbije vier maanden bijna dagelijks over het proces bericht. Nu het proces-Dutroux is afgelopen, geeft hij nog één keer zijn visie op de zaak: ,,Het is heel eenvoudig: er is geen complot. Punt.'' 

HET proces-Dutroux is voorbij. Eindelijk. De voorbije zes maanden heb ik in De Standaard over niets anders geschreven dan over Dutroux. U hebt het wellicht gezien. Waarschijnlijk is er naar uw zin zelfs te veel verschenen over de zaak-Dutroux. U hebt gelijk. Zelf hoop ik dat dit stuk het allerlaatste is dat ik er ooit over zal schrijven.

Maar ik maak me geen illusies. De discussie over de zaak-Dutroux zal blijven duren tot het einde der dagen. Hebben ze wel alles gevonden? Hebben ze wel alles willen vinden? Er is het dossier-Dutroux-bis waarin sommigen zullen doorgaan met fantaseren over het bestaan van grote netwerken achter Marc Dutroux. 

Ik zal er geen doekjes om winden. Als u het mij vraagt, is de waarheid over de zaak-Dutroux simpel. Wat u de voorbije jaren ook gehoord en gelezen hebt. Het is al jaren simpel. Marc Dutroux is een geïsoleerde pervert. Geen groot netwerk, geen klein netwerk, geen bescherming, geen roze balletten. 

Alleen de psychopaat Dutroux, zijn onderdanige vrouw Michelle Martin en het drugsverslaafde hulpje Michel Lelièvre. Dat en de onmacht van de politiediensten om hen tijdig op te pakken. Punt. 

Het klopt dat er nog onbeantwoorde vragen in het dossier zijn. Maar dat komt alleen omdat Marc Dutroux er de waarheid niet over wil vertellen. Hij en hij alleen kent het antwoord op alle vragen. Op allemaal. Over de ontvoering en dood van Julie en Melissa, over de moord op An en Eefje. 

Kan het echt allemaal zo simpel zijn, hoor ik u denken. Is het niet een beetje gemakkelijk en verschrikkelijk naïef om dat te geloven? Want er is toch te veel misgelopen om nog toeval te kunnen zijn. Ik geef het toe. Er is een tijd geweest dat ik het ook niet geloofde. 

In augustus 1996 kon niemand geloven dat Marc Dutroux al die ontvoeringen alleen voor zijn eigen pervers genoegen had gepleegd. Zulke slechte mensen konden toch niet bestaan? Op het proces in Aarlen bleven niet veel Dutroux-watchers meer over uit die waanzinnige augustusmaand van 1996. 

Het handjevol dat toen wel in Neufchâteau was, herinnert zich die dagen alsof het gisteren was. 

Dertien verdachten werden in een paar dagen tijd onder gejoel van de massa het justitiepaleis binnengeleid. Onder hen ook de vermeende beschermers van Dutroux. Een paar politiemensen en een verzekeringsagent. Onderzoeksrechter Jean-Marc Connerotte en procureur Michel Bourlet werden zwaarbewaakt door rijkswachters. Ze reden in gepantserde Mercedessen rond. Alsof de maffia hen ieder moment een kopje kleiner kon maken, omdat ze te dicht bij de waarheid waren gekomen. 

Er waren bedreigingen geweest. Een deel van die bedreigingen bleek achteraf niet meer dan paranoïde hersenspinsels. Het hoeft niet te verwonderen: iedereen leed aan paranoia in die tijd. Het echte deel van de bedreigingen kwam van een dolgedraaide Fransman die zich om privé-redenen door het gerecht in Neufchâteau mismeesterd voelde. Maar dat wisten wij toen niet. Connerotte en Bourlet waren de witte ridders die de stal van de maffieuze kindermisbruikers voorgoed zouden uitmesten en wij - de goedmenende journalisten - zouden hen daarbij helpen. 

Een aantal Franstalige collega's kende Bourlet en Connerotte al voor de zaak-Dutroux goed. Ze hadden het duo voluit gesteund in de zaak-Cools, toen de twee witte ridders strijd hadden gevoerd tegen onderzoeksrechter Véronique Ancia in Luik. Die strijd hadden ze verloren en Bourlet kon dat niet verkroppen. Hij zou de waarheid over de zaak-Dutroux vinden, zei hij, ,,si on me laisse faire''. In de zaak-Cools hadden ze hem niet laten doen. 

Het land begon te fantaseren over wat Bourlet met dat zinnetje had willen zeggen. Wilde ,,het Systeem'' de witte ridders beletten ,,de Waarheid'' te achterhalen? De waarheid over de bescherming, de complotten en wat weet ik nog al meer. België stond als één man achter Connerotte en Bourlet. Politici verdrongen zich om het land te verzekeren dat de onderste steen boven zou komen. De journalisten ook. Weg was de kritische zin. En het werd nog erger. 

IK herinner het me alsof het gisteren was. Oktober 1996. Een telefoontje van Rudy, een van de speurders van de financiële cel van de Brusselse BOB. Zij hadden Dutroux financieel doorgelicht en niets verdachts gevonden. 

Op het moment dat ze bij onderzoeksrechter Connerotte in Neufchâteau verslag uitbrachten over hun onderzoek, ging de telefoon. Een vrouw aan de lijn, in het Nederlands. Ze had in een netwerk gezeten. Ze had kindermoorden gezien en eigenhandig kinderen vermoord, zei ze. 

En Dutroux en Nihoul waren daarbij betrokken. Die avond in oktober wist ik niet dat de getuige waar Rudy het over had Regina Louf heette, getuige X1. De X-getuigen, want er kwamen er nog een reeks, zouden het verdere onderzoek-Dutroux vergiftigen. Al die sterke verhalen over grote netwerken komen daar vandaan.

Regina Louf vertelde dat Dutroux een leverancier van kinderen was. Michel Nihoul stond een trapje hoger in de hiërarchie. Ze waren allebei aanwezig toen Christine Van Hees begin jaren '80 werd omgebracht in een champignonkwekerij in Etterbeek. De daders van die moord zijn nooit gevonden.

Rudy vroeg of we in de krantenarchieven niet op zoek konden gaan naar foto's van grootindustriëlen en politici uit het begin van de jaren '80. Mensen die Regina Louf had geciteerd als kindermisbruikers. Uiteraard was de onvermijdelijke Paul Vanden Boeynants erbij. De speurders geloofden wat Regina Louf zei, de magistraten geloofden het. Niet alleen speurder Patrick Debaets maar ook de allerhoogste verantwoordelijken bij de rijkswacht. En de toenmalige nationale magistraat, André Vandoren inbegrepen.

Nochtans hadden verhalen zoals dat van Regina Louf in het buitenland al voor tragedies gezorgd. Mensen werden ten onrechte opgepakt en veroordeeld. Bewijzen werden nooit gevonden. Boeken vol waren er in het buitenland over geschreven. Maar boeken lezen is nooit het sterkste punt van onze speurders geweest.

Op een avond ben ik met enkele Britse en Amerikaanse boeken over het syndroom van de ,,verloren herinneringen'' naar Neufchâteau getrokken. Boeken waarin specialisten waarschuwden voor getuigenissen à la Louf. Omdat ze de speurders altijd op dwaalsporen brachten en nooit enig concreet bewijs opleverden. Het was vlak voor de kerstvakantie van 1996. Het sneeuwde. Procureur Bourlet luisterde aandachtig. Hij liet de boeken onmiddellijk kopiëren door een van zijn lijfwachten. ,,Hebben ze het niet kunnen bewijzen in de Verenigde Staten en Groot-Brittannië? Wij zullen het wel doen in hun plaats.''Aan zelfverzekerdheid en geloof in het eigen gelijk heeft het Bourlet nooit ontbroken. Hij heeft nooit getwijfeld. Hij had het beter wel gedaan.

Ik ben die avond met een slecht gevoel uit Neufchâteau vertrokken. Ik was niet de enige die toen vreesde dat het land zou ten onder gaan aan die waanzinnige verhalen. Veel speurders die aan die onderzoeken meewerkten, voelden snel nattigheid. Ze twijfelden, net als wij. Niemand durfde iets te zeggen.

Ingaan tegen het eenheidsdenken was gevaarlijk in die tijd. Er was de Witte Mars, de commissie-Dutroux werd opgestart, het gonsde van de geruchten over de hooggeplaatsten die opgepakt zouden worden. Er zouden autobussen aan te pas komen om ze van het parlement naar Neufchâteau te brengen. Sommigen beweren nu dat het verhaal van die bussen ,,maar om te lachen was''.

Het is nooit om te lachen geweest. Het was bittere ernst. Michel Nihoul? Wie in die tijd ook maar suggereerde dat er geen harde bewijzen tegen Nihoul waren, werd verdacht gemaakt. Toen het RTBf-duidingsprogramma Au nom de la loi in september 1997 de eerste kritische reportage maakte over de grote netwerken en de rol van Michel Nihoul in de zaak, kwam Marc Verwilghen, toenmalig voorzitter van de commissie-Dutroux, op de VRT in Terzake. Met zijn typisch zuinige glimlachje, zei Verwilghen ,,Wat wilt u, die mensen van Au nom de la loi zijn van Charleroi.'' Daarmee was alles gezegd. Ook journalisten uit Charleroi waren plots verdacht.

De grootste populisten onder de politici kwamen het meest op televisie. Vincent Decroly van Ecolo, Patrick Moriau van de PS, Franz Lozie van Agalev. Stuk voor stuk verkondigden ze de meest bizarre complottheorieën . Ik heb nooit begrepen hoe een volk zo collectief in shock kan zijn, dat de mensen plots alles beginnen te geloven. De nuchterste mensen eerst. Angstaanjagend. Vóór het proces-Dutroux verscheen een aantal boeken over de zaak. Gerolf Annemans van het Vlaams Blok schreef er één. PVDA'er Herwig Lerouge, vriend van advocaat Jan Fermon (PVDA), ook. Merkwaardig om vast te stellen hoe roerend eens ze het waren. Natuurlijk was Marc Dutroux geen geïsoleerde pervert. Natuurlijk genoten Dutroux en Nihoul bescherming van hogere machten. De mensen schrik aanjagen, dat doen extremisten graag.

EN dan was er het proces. Van dat grote netwerk waar de X'en over getuigden, was plots geen sprake meer. Ook al niet meer vlak voor het proces. Soms gelooft een mens zijn oren niet. Weg was plots het netwerk met betrokkenheid van de hooggeplaatsten. ,,Geen paus en geen kardinaal'', lachten advocaten Georges-Henri-Beauthier (Laetitia), Jan Fermon (Laetitia) en Xavier Magnée (Dutroux) in koor. ,,Wie gelooft daar nu nog in?'' Alsof de X-getuigen nooit bestaan hadden en niemand hun verhalen ooit au sérieux had genomen.

Plots waren X1, X2, X3, X4 vergeten. De believers stonden op dezelfde lijn. Er bestond geen groot netwerk. Er was voortaan alleen nog maar een klein netwerk, met schroothandelaars rond Dutroux.

Ondertussen bleven diezelfde mensen de complottheorieën voeden. In de marge van de zaak-Dutroux waren meer dan dertig mensen op mysterieuze manier aan hun einde gekomen, schreef Douglas De Coninck van De Morgen in een boek. Lastige getuigen die te veel wisten en op onverklaarbare wijze met hun auto tegen een boom botsten. Dertig doden. Maar een complot en een netwerk? Wie had dat ooit gezegd? De rijkswacht had bewust de kooi van Dutroux niet willen zien. De rijkswacht had de arrestatie van Dutroux maanden zo niet jarenlang verhinderd. De rijkswacht had bezwarende videocassettes van Dutroux weggemoffeld. Het werd allemaal gesuggereerd en beweerd op het proces-Dutroux. Door Jan Fermon (PVDA) en Georges-Henri Beauthier, de advocaten van Laetitia, en procureur Bourlet.

Maar complotten, netwerken en bescherming suggereren? Dat was niet hun bedoeling. Wie dat durfde te zeggen, was te kwader trouw. De enige strohalm die de believers nog restte voor het begin van de zaak-Dutroux, was Michel Nihoul. Nihoul moest de link zijn tussen de marginale Dutroux en de hooggeplaatste kindermisbruikers. Als ze Nihoul veroordeeld kregen, was het bewijs geleverd dat er méér aan de hand was.

Er zit wat mij betreft geen enkel objectief bewijs in het 450.000 pagina's dikke dossier dat Nihoul iets met de ontvoeringen van kinderen te maken had. Geen enkel. En ik heb het dossier op alle mogelijke manieren gelezen. Van voor naar achter en van achter naar voor. Om nog duidelijker te zijn. Volgens mij heeft Nihoul niets met de ontvoeringen van kinderen te maken. Ik zou net hetzelfde geschreven hebben als Nihoul vorige donderdag wel veroordeeld was geweest.

Op het proces hebben de advocaten van Paul Marchal en van Laetitia Delhez, bijgestaan door procureur Bourlet, alles geprobeerd om Nihoul aan de ontvoeringen van kinderen te koppelen. Ze hebben getuigen uit alle hoeken van het land laten opdraven die Nihoul één dag voor de ontvoering van Laetitia in Bertrix zagen.

Voor die dag had hij - volgens hen - geen alibi. Ze hadden evengoed tientallen andere getuigen kunnen laten komen die Nihoul op andere dagen in Bertrix of andere plaatsen in het land hadden gezien. In het dossier-Dutroux zijn zoveel getuigen dat je naar hartenlust kan shoppen naargelang van de waarheid die je het best uitkomt. Fermon, Beauthier, Quirynen en Bourlet hadden dat goed begrepen. Zij vonden ook dat de bewijslast - voor één keer - omgedraaid moest worden. Nihoul moest bewijzen dat hij niet in Bertrix was, anders was hij schuldig.

Ik vraag me nog altijd af waar die hardnekkigheid vandaan komt. Menen ze echt dat Nihoul schuldig is of is het ze er vooral om te doen gelijk te krijgen?

Paul Quirynen, advocaat van Paul Marchal, meent dat journalisten die schrijven dat er geen bewijzen zijn tegen Nihoul, gestuurd worden door ,,de instellingen.''

Het is een veel voorkomende theorie bij believers. Non- believers zijn de vertegenwoordigers van het establishment. Door welke instellingen de non-believers dan wel worden gestuurd, weet ik vandaag nog altijd niet. Er is geen enkele instelling die de voorbij acht jaar ooit de verdediging opgenomen heeft van wie dan ook in het dossier-Dutroux. Integendeel. De politici bleven de voorbije jaren angstaanjagend stil, als ze al niet meehuilden met de wolven in het bos. Ook de grote verantwoordelijken bij het gerecht bleven stilletjes in een hoekje zitten terwijl alles ontspoorde. Noem het stil of laf voor mijn part. Uit angst om tegen de stroom in te roeien en hun kiezerspubliek tegen de haren in te strijken.

Gelukkig waren er in de jaren van goedkoop populisme ook nog mensen die deden wat juist was. In de eerste plaats onderzoeksrechter Jacques Langlois, acht jaar lang verguisd en de voorbije maanden gekraakt voor assisen. Hij is al die tijd overeind gebleven in de storm. Hij heeft niet voor de gemakkelijke weg gekozen. Het was zo simpel geweest: iedereen schuldig, iedereen levenslang. De X-speurders die tegen de waanzinnige verhalen van X1 zijn ingegaan en haar verhalen demonteerden tot wat ze zijn: verzinsels. De speurders die vonden dat de onsympathieke oplichter Nihoul ook recht had op een eerlijk onderzoek. De familie Lambrecks en haar advocaten Joris Vercraeye, Luc Savelkoul en Mark Huygen, die zich niet lieten leiden door blinde haat. Allemaal hebben ze de voorbije jaren - en zeker de laatste weken - bakken kritiek over zich heen gekregen, omdat ze zich lieten leiden door hun rechtvaardigheidsgevoel.

Ik weet het zeker: er zitten bij de politiediensten mensen die de democratie en de rechtsstaat meer genegen zijn dan sommige advocaten op het proces die van de daken schreeuwen welke grote democraten ze wel zijn.

TOT slot nog dit. Ik heb het dossier-Dutroux van begin tot einde uitgepluisd. Acht jaar lang. Het voorbije jaar nog veel intensiever. Ik heb net dezelfde conclusie getrokken als de onderzoeksrechter Jacques Langlois: Marc Dutroux is een geïsoleerde pervert. Er is geen complot. België is niet het paradijs van de pedofielen. Maar waarschijnlijk ben ik naïef. Of, erger, misschien zit ik wel mee in het complot. 

http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=GCO6S14P

De commentaren zijn gesloten.