16-08-09

Gevangenissen: Minister van Justitie laat dossiers blokkeren (8)


declerck.286380


Brussel, 15 augustus 2009

Geachte Heer X,

Raf Jespers, advocaat van de heer Vervloesem van onze vereniging, heeft een kopie van het forensisch rapport van Professor-psychiater Cosyns, aan de heer Boosten van de Psycho Sociale Dienst (PSD) van de gevangenis van Turnhout laten overmaken.

De PSD van de gevangenis van Brugge die haar dossiertje van 24 bladzijden over de heer Vervloesem (dat zij al maanden klaar heeft) pas na zes weken per mail naar de PSD van de gevangenis van Turnhout (waarnaar de heer Vervloesem getransfereerd is) stuurde, wil het rapport Cosyns en de medische stukken van de heer Vervloesem immers ten allen koste uit het dossier houden. 

Met haar vertragingsmaneuvers en het achterhouden van de rapporten wil de PSD van Brugge ervoor zorgen dat de rechter van de strafuitvoeringsrechtbank te Gent opnieuw negatief adviseert (want 'nog niet klaar' en 'onvolledig') over de aanvragen van de heer Vervloesem.

Ik hoop dat Raf Jespers ook de kopies van de medische verslagen en van de andere ontbrekende documenten aan de heer Boosten zendt zodat deze aan de rechter van de strafuitvoeringsrechtbank niet moet verklaren dat hij 'deze documenten nog niet heeft ontvangen' of de rechter op basis van de uitsluitend negatieve verklaringen van de PSD van Brugge en een onvolledig dossier opnieuw negatief moet adviseren.

Misschien is het daarvoor al te laat want de heer Vervloesem moet zijn aanvraag voor zijn penitentiair verlof al op 4 september 2009 indienen.

Zoals u weet, stelde de heer Boosten al voor om het PSD-onderzoek van de gevangenis van Brugge vanwege al die ontbrekende documenten te 'herbeginnen' zodat de heer Vervloesem weer een jaar zou moeten wachten vooraléér het dossier van de PSD volledig is en hij zijn aanvragen voor penitentiair verlof, vrijlating op medische gronden, psycho-sociale begeleiding door het forensisch team van professor-psychiater Cosyns (die dit zelf voorstelde), reintegratie, reclassering enzoverder, met enige hoop kan indienen.

Ik bracht Minister De Clerck en zijn kabinetsmedewerkers, waaronder ook de kabinetsmedewerker die het dossier 'Vervloesem' behandelt, omtrent de criminele praktijken (het achterhouden van dossiers en dossierstukken, het verkeerd voorlichten, het maandenlang laten wachten van andere diensten en dit alles met het doel de rechter een negatief advies te doen uitspreken) van de PSD van Brugge, op de hoogte maar ontving geen antwoord, ook niet toen ik de Minister vroeg tot welke dienst ik mij kon richten. 

Buiten mij, schreven er nog tal van andere mensen naar de Minister, zijn kabinetsmedewerkers, de directie van de gevangenis te Brugge (Els Deloof), Tine Vander Taelen (Dienst Individuele Gevallen van het Ministerie van Justitie te Brussel en enkele jaren geleden zelf nog werkzaam voor de PSD van Brugge), de centrale PSD-dienst te Brussel en Dokter Van Mol (directeur-generaal van de Penitentiaire Gezondheidsdienst te Brussel die door de vzw Werkgroep Morkhoven fel werd bekritiseerd omdat er geen woord over de medische toestand en de meer dan 20 operaties en spoedopnames van de heer Vervloesem in zijn dossier weer te vinden was).

Ook zij ontvingen geen antwoord, wat er op wijst dat de Minister, zijn kabinetsmedewerkers en de directies van zijn justitiediensten, de PSD van Brugge al bijna een jaar lang een hand boven het hoofd houden in het dossier Vervloesem.
Trouwens de Minister en zijn kabinetsmedewerkers werden per mail, fax en (aangetekende) brief ook op de hoogte gebracht van het feit dat de PSD van Brugge niet alleen verkeerde informatie geeft, dossiers achterhoudt en vertragingstechnieken aanwendt tegenover de PSD van Turnhout.

Ook het feit dat de PSD van Brugge enkele maanden geleden dezelfde praktijken heeft aangewend bij de rechter van de strafuitvoeringsrechtbank kwam ter sprake.  Op dezelfde manier als tegenover de PSD te Turnhout werden daarbij de medische verslagen en andere documenten achtergehouden, werd er foutief geinformeerd en haalde men aan dat de andere diensten, waaronder het hof van beroep te Antwerpen, 'in gebreke waren gebleven en hun dossiers nog niet of verzonden hadden'.
Ook daarop werd er door de Minister en zijn kabinetsmedewerkers niet gereageerd.

Wij ontvingen met de heer Vervloesem wel een paar nietszeggende antwoorden (waarvan één van de Minister zelf) waarin alleen maar werd medegedeeld dat men 'geen reden zag om in het dossier met de PSD van Brugge te interveniëren omdat de PSD van Brugge de nodige contacten had met de heer Vervloesem'.
Ook dit bewijst dat de Minister en zijn kabinetsmedewerkers de criminele praktijken van de PSD van Brugge, die zich vermoedelijk niet beperken tot het dossier 'Vervloesem', gewoon toelaten en deze justitiedienst nog jarenlang haar bedriegelijke praktijken zal kunnen verderzetten terwijl de PSD's, volgens de Wet Dupont, werden opgericht 'om de gedetineerden te helpen en te begeleiden in hun terugkeer naar de samenleving'.

Ik ga Raf Jespers een kopie toesturen van alle (aangetekende) brieven, antwoorden, faxen, emails, bewijzen van verzending en ontvangst in verband met deze zaak, en ik heb de heer Vervloesem gevraagd om hetzelfde te doen.
Gezien het hier over een tijdspanne van een jaar gaat en er tientallen mensen hebben geschreven, zijn er enkele honderden documenten.

Ik ga Raf Jespers ook een kopie van mijn aangetekend schrijven naar (ex)justitieminister Jo Vandeurzen zenden.
Na een half jaar had Vandeurzen mijn schrijven nog altijd niet beantwoord en een telefoontje naar een kabinetsmedewerker leerde mij dat mijn brief 'bij de toenmalige kabinetschef Herman Dams was blijven liggen'.
Misschien kwam dat omdat Herman Dams een magistraat is bij het hof van beroep te Antwerpen waar dat Marcel Vervloesem ondermeer op basis van enkele bamboestokjes voor 'folteringen en verkrachtingen' veroordeeld werd terwijl men de kinderpornozaak Zandvoort er 'enkel een zeepbel' noemde.

Zoals de Hoge Raad voor de Justitie erkende, verdwenen op het hof van beroep te Antwerpen ook de 7 kinderporno-cd-roms uit de zaak Zandvoort die de Koning (die ze van de vzw Werkgroep Morkhoven had gekregen) voor onderzoek aan procureur-generaal Christine Dekkers liet overmaken.
Ik vroeg zowel ex-justitieminister Vandeurzen als Justitieminister De Clerck om deze verdwijning te laten onderzoeken maar kreeg, zoals in de PSD-zaak, geen antwoord omdat de praktijken om dossierstukken achter te houden en te doen verdwijnen, deel uitmaken van het gerechtelijk systeem.
Vandeurzen en De Clerck lieten ook geen onderzoek voeren naar de door de Hoge Raad voor de Justitie tevens erkende verdwijningen van de ontlastende stukken uit het strafdossier van de heer Vervloesem op het parket van Turnhout...

Ik vraag mij af hoeveel slachtoffers de PSD van Brugge en de hooggeplaatste magistraten op de gerechtshoven nog zullen maken doordat er dossiers en dossierstukken verdwijnen en doordat deze praktijken door de ministers van Justitie worden goedgekeurd.

Met vriendelijke groet,

Jan Boeykens
Voorzitter vzw Werkgroep Morkhoven


DIT BERICHT DIENT MINSTENS TWEE JAAR LANG IN DE ARCHIEVEN VAN DE BELGISCHE JUSTITIE EN STAATSVEILIGHEID TE WORDEN OPGESLAGEN (EN EEN KOPIE ERVAN MOET DOORVERZONDEN WORDEN NAAR MIJN KABINET)
 
de wet op het privé-leven
 
Stefaan De Clerck
Minister van Justitie